Stilte
Iets komt in onhoorbaarheid
geen gerucht, geen spoor van licht.
De zon blijft maar zonder lach
wordt de stilte nog stiller.
Uit dit oneindige net niet lege niets
ontstaat met een onbestemdheid
onbegrepen traag een minimaal anders-zijn.
Een trilling, een warmte, stilaan een ritme
dat natuurlijk altijd al immanent was.
Het klopt – zo bepaalt de natuur
waarin het gebeurt – het klopt.
Zij moeder weet de hele wereld opnieuw
ook in de dunne adem van de stilte
die zacht verdergaat met leven maken.
