Oog op Blaricum

13 april 2018

Gedicht

Filed under: gedicht — Oog op Blaricum @ 16:22

Natuurlijk ben ik blij

dat je kip weer naar buiten mag

eendrachtig jullie ophokplicht volbracht.

Vervelend dat er dan heel mediterraan

een serieuze straaljager crasht en daardoor

heimwee door de broze Belgenlinie vlamt

– maar ja, wie voorzag deze diametraal

in de warmte van het Dionne Stax-journaal?

Net zo goed als die stijve Chinese eierleiders

die voor ons kalfsvlees hartelijk zijn ontdooierd

naast onze premierachtige – of veel liever zelfs.

Natuurlijker dan Herr Ross, of ‘de nieuwe jongen’

waarvan zelfs je kip net voldoende weer geneest

– hadden ze niet iets sterkers? Iets Syrischers?

 

Uiteindelijk komt het allemaal bloesemend rond

met hier een dode baby op het balkon, een kraker

aan het kruis en daar de Dom vijf jaar in de steigers.

Je ziet de lijn toch ook – dat snoer van metaforen:

het is de tijd die zwijgt en ritmisch rijgt en daarna

trekt en striemt en smoort tot verbazing berusting

en dan die zweem van avondmist vol oud verlangen

naar dat lege strand, met alleen jouw naakt, bezweet

en je ogen die de smalle voetstappen volgen

tot in de lome branding die steeds maar weer breed

tandenloos en mummelend de zee omslaat.

5 april 2018

Zeg het maar …

Filed under: gedicht,vragen — Oog op Blaricum @ 12:48

The Eye

The empty mind you finally display
ten weeks into the yogic agony
of your silent retreat, you will discover
in the stages of a gin hangover.

So too the self you slaughtered in the bliss
of her astonishing astonished kiss,
the loch in starlight or the late quartet
is what your dog knows as its waking state.

All I mean is soul just can’t allude
to that pretty trance you might know twice a year
when the ape is somehow home enough or mind
is lost enough for both to disappear,
but what is leaves unguarded and unblind.
Its holocaust. Its vast solicitude.

Don Paterson

30 maart 2018

Gedicht

Filed under: gedicht — Oog op Blaricum @ 15:42

28 maart 2018

Gedichtenbundel Tijdelinge

Filed under: cultuur,gedicht,zaken — Oog op Blaricum @ 14:51

Naast de gedichtenbundel Aardelinge (2017) is nu ook verkrijgbaar Tijdelinge.
75 gedichten over de thema’s leven, spiritualiteit, verdriet, vrolijkheid en actualiteit.
Hier kopen.

21 maart 2018

Gedicht van Ester Naomi Perquin, Dichter des Vaderlands

Filed under: gedicht — Oog op Blaricum @ 15:25
(let op de derde regel …)

Staat

Verlos ons van de hooligans, het brullen in de straten. Van treinen die niet rijden

en van de themaweek. Van volledig automatisch doorgeladen haten,

de liegende politicus. De koffie en de cake.

 

Verlos ons van vergunningen en van ons welvaartsvet. Pyjamadag. Bejaardenflat.

Van het burgerbijstandsteam en vaste inlooptijden. Van hoofddoekvrees,

van religieus besnijden. Van lange rijen op Schiphol,

 

de aanklampmails van goede doelen. Van posterhoofden, viltstifttrekkers,

peervormigheid en sta-op-stoelen. Van aftapping en pseudovraag.

Van mensen die mijn land zeggen en hun buurt bedoelen.

 

Van dertig soorten pindakaas en zestig soorten brood. Van sushibar,

vuurwerkshow en dansen na de dood. Verlos ons van de bontkraag

en van de kansenwijken. Van kaas met plastic randen

 

en van speelgoed voor de rijken. Van voorlichting met aardbeismaak.

Digitaliseren. Van witgewassen auto’s die je nergens kunt parkeren.

Van optimisme, beeldschermliefde, hypnotherapie.

 

Van de Hitler-vergelijking en de rok over de knie. Van Facebookrel,

begrotingsfout, van dreigen met de hel. Van de weekheid

der nuance en de domheid van het geld.

 

Van vegasnack en suikertaks. Van metrolijn en brekend steen.

Van ingevlogen superfruit. Van hoogbegaafdheid in groep 1.

Van kleuren voor volwassenen en kinderen die roken.

 

Van mantelzorg en schuldgevoel. Van balancerend koken. Van cowboys,

indianen, van speelgoedactivisme en studerende vandalen.

Van steeds gekwetste zielen. Van stropdaspolemiek.

 

Van alle holle vragen op de labels aan de thee. Van twitterpolitiek

en ijsbeertjes op zee. Van vragenuur. Van kast, van muur,

van doeners die niets blijvends meer bedenken.

 

Van denkers die wel weten maar niet doen. Van alle rare woorden

en hun nutteloze schrijvers. Van standbeeldangst en valse roem.

Verlos ons van de goddelozen en de predikanten.

 

Van thuiscompost en CO2. Van lekker tegen-alles, lekker voor-me-eigen.

Van kankerroepers, tegelfluimers. Sissers, graaiers, hijgers. Verlos ons

van parkeerbeleid, de taart met genderkleur,

 

de wachtmuziek, het supermarkthumeur. Van fietsendief, van festivals

en van reclameborden. Van dichte mist. Van verre pijn. Middenweg

en polderleed. Quinoasnorren. Sportschoolzweet.

 

Van jezelf te moeten zijn. Verlos ons van de hypotheek. Verlos ons

van de huur. Van jonge boerendochters, comazuipend

in een schuur. Verlos ons van de meerderheid.

 

De eenzaamheid. Het zaad. De varkenskop, de knuffelploeg, de knieval

voor de haat. Verlos ons van de meningen en van het stemlokaal.

Van privacy. Van ironie. Verlos ons allemaal.

• Bron: NRC Handelsblad, 21 maart 2018

19 maart 2018

Gedicht

Filed under: gedicht — Oog op Blaricum @ 22:33

Fluit ze in vergeeld Chinees

zing als fado in het Portugees

maar zeg ze niet in deze taal

laat staan als staal van Duits:

we hebben het niet geweten.

 

Je zag ze dansen op hun roze wolk

de majesteit en de papegaaien

met mastodonten en de klevers.

Zie de rat nog zoekend aan de rand

van hun beschimmelde onwetendheid.

 

Weet dat ze schrokken van de echo

uit de lege spiegel van hun ziel

waar moraal had moeten wonen.

Ze smeekten om dat eigen Jericho

uit hun wonden toen de waarheid viel.

24 februari 2018

Tijdelinge – nieuwe gedichtenbundel (voorleesvideo)

Filed under: gedicht — Oog op Blaricum @ 15:32

Zo liefdevol de hond die kwispelt,
maar met zijn staart van grootmama
haar mond beroert tot gebitsdrama
waardoor zij ruim rivierlijk lispelt.

Zo zelfs dat het hoorbaar ritstelt
vooral bij ’t eten van tomatensla
en zeker met die harde koek als na
wordt er vaak een heel gebit gewisseld.

De hondenstaart is knap gedecoupeerd
het zwiepen liep volledig uit de klauwen
en ook oma is zeer groots gerenoveerd
na advies die Koni-kaken in te bouwen –
zodat het bij ’t eten nu veel meer veert
en zij voedsel binnensmonds kan kauwen.

19 februari 2018

Gedicht

Filed under: gedicht — Oog op Blaricum @ 13:13

Dwalend door de mestvaalt van mijn denken

lege kamers, holle zalen, dode haard

verrotte ramen die het zonlicht buigen

van de plek waar de tijd mijn ziel bewaart,

 

zie ik op de balken grauwe vuile uilen

volgevreten kennis uit mijn vervallen staat.

Wat rest en rent zijn vale hagedissen

de dood die wenkt in hagelwit gewaad.

 

Vier doktoren stormen dronken binnen

grijpen naar het poeder voor mijn levenseind

voltooien mag, maar zonder orgaan te vervuilen,

zonder dat het andermans levenskans verkleint.

 

De staat bepaalt het liefst wanneer te overlijden

getreden wordt mijn recht op stoppenwens;

de dood is handel voor de politieke beesten

mijn lijf in hergebruik – ik sterf tot doorleefmens.

Next Page »

Powered by WordPress.com.

%d bloggers liken dit: