‘Uut Sittard.’
Familie van elkaar?
‘We zijn vriendinnen hè, en zij [links]
heeft voor d’r verjaardag van mij
een dagje uit gekregen.’
En dat was?
‘Bij Gordon wezen lunchen, hè.’
Was hij er?
‘Ja hoor, helemaal hè!’
Hoe is ‘ie, in het echt?
‘Gevoelig, hè. En echt echter dan op tv – echt wel.’
En nu?
‘Met de HOP-taxi naar Hilversum en
dan de trein in – met assistentie – en dan
zijn we om kwart over zeven thuis, hè.’

Categorie: humans
Humans in Blaricum (44)
‘Uit Limmen, bij Alkmaar.’
Op weg naar?
‘Familie in Zuid-Duitsland.’
Tandem met aanhanger?
‘Ja, de tent is ook mee.’
Hoeveel doen jullie per dag?
‘Als het meezit, zo’n 120 kilometer.’
Is dat de som van jullie leeftijden?
‘Ik ben 58 en zij is 64.’

Humans in Blaricum (43)
‘Uit Rosmalen en Almere.’
Even melden …?
‘… dat we er zijn. En vragen waar zij blijven.’
Wat was dat net met het parkeren?
‘Ja, zeg!’
Ja, wat?
‘Mensen hebben tegenwoordig geen geduld meer.
We mogen toch wel even op de borden kijken?!’
Tja, en nu?
‘We gaan lunchen.’
Bij eh …?
‘Haha, ja precies!’

Humans in Blaricum (42)
‘Uit Oosterhout.’
Heeft u vandaag gewandeld?
‘Vanaf de camping in Hilversum naar Almere en
terug naar hier. Dat is 56 kilometer.’
Bent u zo’n Vierdaagse-type?
‘Nee, da’s me te druk en te kort. Ik ben meer van de langere afstanden.’
Zoals vandaag, of nog meer?
‘De Kennedymars, 80 kilometer – die mag ik graag doen.’
Waarom doet u dat wandelen?
‘Ik vind het leuk. Het past wel bij mij.’
Het wordt donker – hoe nu verder?
‘M’n vrouw komt me zo ophalen. Bij de ijssalon.’

Humans in Blaricum (41)
‘Uit Den Ilp.’
Hé, dat klinkt bekend.
‘Nou, denk ’s na!’
Je bent een van vier …
‘… een van de víjf vrouwen van Anton Heyboer.’
En is er niet nog iets bijzonders?
‘Ja, ik ben jarig.’

Humans in Blaricum (40)
‘Uit Amsterdam.’
Wat doe je daar?
‘Studeer rechten.’
Wat doe je hier dan?
‘Eten met m’n verzorger.’
Pardon?
‘Bijnaam voor m’n vader.’
Wie is dat dan?
‘Oog.’

Humans in Blaricum (39)
‘Uit Almere.’
Met de bus hier?
‘Nou, nee hè?!’
Even een rondje Gooi op de pedalen?
‘Ja, heel rustig, 50 kilometertjes.’
Is er een hoger doel?
L: ‘Herstellen van blessure, 18 weken stil gestaan.’
R: ‘Thriatlon in september.’

Humans in Blaricum (38)
‘Uit Arnhem en Zoetermeer.’
Hoe zit dat?
‘We kennen elkaar al van vroeger.
Spreken we af bij Utrecht en dan
gaan we met anderen lekker toeren.’
Dus bij toeval hier?
‘Helemaal.’
Maken jullie altijd van dit soort tochtjes?
‘Nou, we hebben net een trip door Zuid-
Europa achter de kiezen – 4000 kilometer.’
Meer Humans in Blaricum hier.
Humans in Blaricum (37)
‘Uit Amsterdam.’
Zit je in het leger?
‘Nee, hoezo?’
Je jasje, je pet …
‘Gewoon lekkere dracht,
vooral met het vissen.’
Nu ook?
‘Beetje zweterig.’

Humans in Blaricum (36)
‘Uit Hilversum.’
Met een doel hier?
‘Nou, de dochter wilde Gordon zien.’
En, samen op de foto gegaan?
‘Nee, hij was er niet.’
Tjee … en toen?
‘IJsje bij De Hoop.’
En verder?
‘Volgende week nog een keer proberen.’

Humans in Blaricum (35)
‘Uit Huizen.’
Hoelang bent u getrouwd?
Zij: ‘Eh … we zijn niet getrouwd.’
Zooo … leg uit.
Hij: ‘Mijn vrouw is vier jaar geleden
overleden. Maar het leven gaat verder.’
Een 65+-date?
Hij: ‘Nee hoor, niks geen gejaag.
Twee jaar geleden hebben we elkaar ontmoet – zomaar.’
Zomaar?
Zij: ‘We zaten ieder op een eigen bankje
bij de oude haven. Zo is het gekomen.
Hij: ‘En nu lekker samen dingen doen, veel fietsen,
genieten van het leven.
Nooit te oud om het leven te vieren?
‘Precies! Allebei 73. En vrij van medicijnen!’

Humans in Blaricum (34)
‘Uit Utrecht.’
Wat is vandaag de route?
‘Nu naar Flevoland, Nijkerk en dan terug.’
Da’s hoeveel?
‘Zo’n 100 kilometer.’
Dagelijkse kost?
‘Twee, drie keer per week en dan
tussen de 50 en 150 kilometer.’
Is er ook nog een baan?
‘In het weekend in de horeca en
voor de rest studeren.’
Wat?
‘Milieukunde in Deventer.’

Humans in Blaricum (33)
‘Uit Bussum.’
Dagje vrij?
‘In ieder geval tijd om hier met een vriendin te lunchen.’
Wat is jouw business?
‘Ook horeca, maar anders dan dit.’
Baas?
‘Tweede man.’
Bevalt dat?
‘Prima – en je weet maar nooit.’

Humans in Blaricum (32)
‘Uit Bussum …’
Ja, wat?
‘Maar ik ben wel een Malbakker, hoor!’
Leg even uit.
‘Ik ben hier geboren en getogen.’
Hier?
‘M’n vader had even verderop een
pomp annex garagebedrijf.’
Dat was niks voor jou?
‘Ik zit in de logistiek. Ook prima.’

Humans in Blaricum (31)
‘Uit Amsterdam.’
De hond moest er even uit?
‘En wij even op bezoek.’
Familie?
‘Zo voelt het wel. Een oud-collega
is hier bedrijfleidster geworden.’
Die werkte in de zaak waar …
‘… ik manager ben.’
Niet jaloers op haar?
‘Wel een beetje boel, ja. De horeca
in de hoofdstad is niet echt jofel meer.’

