Ken uw dorp (98)

Met informatieve reacties.

9 gedachten over “Ken uw dorp (98)

  1. Dit is een gedeelte van de Melkweg. Ik denk 7 en 9. Links het witte pandje van de familie Heerschop. De boom staat voor het pand van Wim van Mourik, die vorig jaar of het jaar daarvoor is overleden. Hier was een “consulaat” van een Afrikaans land in gevestigd. Ik weet even niet zeker welke. Indien gewenst kan ik dit wel opzoeken.

    Oog: Uganda

    Like

  2. Het verhaal gaat dat hier in de achtertuin van 1 van deze huizen ooit een aantal kostbaarheden is begraven en later opgegraven, maar dat laatste niet door de eigenaar.

    Like

  3. Inderdaad is dit Melkweg 9 en dit pand werd in de 20-er jaren van de vorige eeuw door mijn grootvader (Chiel Heerschop) gebouwd; nota bene tijdens de crisisjaren. Het is oerdegelijk neergezet en naderhand door de familie Van Mourik in de 80-er jaren prachtig verbouwd naar de modernere maatstaven en normen van die tijd.
    Het huis droeg altijd de naam: “Duinzicht” vernoemd naar het uitzicht op de toen nog zichtbare stuifduinen in het ruige natuurgebied tegenover deze woning. Achter de vroegere kwekerij (kortweg: de kweek) wat thans een akker is geworden, lag toen al de Kleine Hei ofwel het Hondenheitje. Het was eigenlijk een zandverstuiving omzoomd door vliegdennen en het vormde in wezen een ongekend grote zandbak voor de lokale jeugd. “Ga maar in ’t duin spelen” was een gangbare kreet wanneer de koters binnenshuis een beetje lastig begonnen te worden. Toen het Gooisch Natuurreservaat dit gebied naderhand had verworven heette het opeens: ‘Mauveheide’. Prachtige naam voor een kinder- en hondenparadijs…

    Even terug naar Melkweg 9: Zo kan ik mij nog goed herinneren dat er in dit pand geen w.c. aanwezig was maar een ouderwetse plee. Dit was een inpandig houten bouwsel met een ronde houten deksel. Wanneer ik als kleine jongen in de opening naar beneden keek, zag ik alleen maar een -naar mijn gevoel- oneindig diep donker gat zonder bodem. Ik ging er dan ook vast niet op zitten want je wist maar nooit…
    Soms probeerde ik om er m’n kauwgompje in te laten vallen om een plons -of wat voor geluid dan ook- te kunnen horen, maar ik hoorde nooit iets. Heel spannend allemaal voor een lagere-school-jochie…
    Ook was er geen wasmachine aanwezig, maar een klassiek houtgestookt wasfornuis met een enorme houten deksel.
    De metalen kuip werd gevuld met water, wasgoed en een vette klodder groene zeep. Dat laatste was altijd een mooi klusje voor ondergetekende; lekker graaien en mikken met dat koude natte groene snot. Het wasgoed zelf was niet helemaal m’n ding, overigens. Andermans ondergoed te moeten zien ronddrijven in een grote kookpot was me toentertijd al een tikkie te folkloristisch.
    Een douche of badkamer was er ook niet in dit pand, maar op de zaterdagmiddagen gingen de gordijnen dicht in de keuken en moest de achterdeur op slot. (Die deur was dus nooit op slot, behalve ’s nachts.) De wekelijkse wasbeurt vond dan plaats en dan heb ik het hier dus niet over het wasgoed…

    Op de foto is ter rechterzijde een aanbouw zichtbaar, die er vroeger nog niet was. Daar zat een groot kippenhok aan het huis vast met een afgeplat schuin dak. Het raam rechtsboven in de voorgevel heeft ook nog een verhaal: Dat was na het verkassen van de vijf kinderen Heerschop, de logeerkamer geworden voor bijvoorbeeld zomerse -betalende- vakantiegasten uit Amsterdam (de zogenoemde “Bleekneusjes), maar ook voor evacués uit Huissen in de Betuwe, die in de nazomer van 1944 uit hun dorp wegmoesten omdat de frontlinie precies naar hun woongebied was verschoven.
    Zo kwam de familie Heerschop in contact met de familie G. uit Huissen, waarmee tot de 80-er jaren aan toe een blijvend en warm contact werd onderhouden. Ware het niet dat het gemis van enig sanitair (ook boven was er geen w.c.) de logees noopte om hun behoefte tijdens de nachtelijke uren op een ouderwetse pot (vanonder het bed) te moeten doen. Wonderlijk genoeg was die pot keer op keer ’s morgens al leeg, zelfs nog voordat iemand naar beneden was gekomen. En m’n opa, die hovenier en kweker was, maar binnensmonds (maar duidelijk hoorbaar) foeteren vanwege het feit dat er iedere zomer weer van die grote gele verbrande vlekken ontstonden in het gras in z’n voortuin; recht onder dat raam…

    Degene die reageerde op deze foto onder nummertje 7 (ene J. de Jong; is dit soms ‘jonge’ Jan Koen?) mag zich aanmelden bij de Fabeltjeskrant als hoofdredacteur. Dit verhaal hoort naar mijn bescheiden mening thuis onder de categorie: L.lkoek! Als tiener heb ik de percelen Melkweg 7 en 9 met een geleende metaaldetector tot in detail afgespeurd. Niet omdat er een schat te vinden zou zijn, maar vanwege de overlevering dat er ergens een oude munitietrommel met patroonbanden afkomstig van een verongelukt Duits oorlogsvliegtuig in de grond zou moeten zitten. Dit toestel was tijdens de Tweede Wereldoorlog in de Venen tussen Eemnes en Blaricum met een vleugel aan de grond gekomen tijdens een aanvliegoefening naar de oude bunker toe, die voorheen op de Blaricummer Meent stond. (Naderhand de oude werkplaats van wijlen kunstenaar Gradus Lanphen.)

    M’n ome Gerard was toevallig vlakbij aan het spelen toen dit toestel neerkwam en hij was er als een van de eersten bij. Sommige inzittenden van dit toestel leefden zelfs (nog) toen de kinderen er op af kwamen. Het schijnt dat Duitse militairen in zijspanmotoren een poosje later hulp kwamen bieden en in de lucht schoten om alle jeugd weg te jagen van het rampgebied. Natuurlijk bleven de inwoners van Blaricum en Eemnes -inclusief de dorpsjeugd- ook naderhand naar deze plek komen. M’n vader en z’n broers hebben met de nodige spullen lopen zeulen, die eigenlijk aan het Duitsche Rijk toebehoorden. Waaronder dus die patroontrommel waarmee Opa Heerschop helemaal niet gelukkig was. Dit ding moest terstond worden begraven onder/naast de kleine hooiberg achter het huis. Ik heb dit ding jammergenoeg dus nooit meer kunnen terugvinden.
    M’n opa schijnt overigens ook een radio te hebben begraven in een veel eerder stadium van de oorlog, omdat de Duitsers deze wilden confisceren. (Er mocht immers niet naar Radio Oranje worden geluisterd welke uitzond vanuit Engeland…) Op de eerdergenoemde kweek tegenover Melkweg 9 werd deze radio in de grond gestopt om er na afloop van de oorlog weer uitgehaald te worden. De radio werd weliswaar teruggevonden maar heeft dit gebeuren helaas niet mogen doorstaan…

    Tijdens m’n zoektocht naar oorlogsbuit vond ik het nodige oud-ijzer in roestige staat en van nul- en generlei waarde.
    Ook kwam ik nog de kop van een scherpe fosforgranaat tegen uit diezelfde oorlog. Deze heb ik toen -als tiener- schoongemaakt onder de buitenkraan en netjes overgebracht (onder de snelbinders achterop de bagagedrager…) en ingeleverd bij het toenmalige politiebureau in Laren. Het bureau werd voor de rest van de dag gesloten en ik werd vriendelijk verzocht om het ding vooral niet neer te leggen op de balie, maar even in de plantenbak naast de voordeur van het bureau te deponeren. De volgende dag kwam de Exlosieven Opruimingsdienst van de Koninklijke Landmacht om dit projectiel onschadelijk te maken. Men was niet echt blij met mij en er kwam zelfs een artikeltje in de krant te staan met de nadrukkelijke oproep om dit niet meer te herhalen… Men was in de verwarring kennelijk vergeten om m’n gegevens te noteren.

    Al met al kwam er dus nooit een schat naar boven aan de Melkweg. Wat hier overigens wel naar boven komt is het schoonste en helderste grondwater/drinkwater uit de verre omtrek. M’n vader heeft ooit een diepe grondwaterput laten slaan voor gebruik in z’n tuin gedurende de warme zomerdagen en dit water is van ongekend goede kwaliteit. Bovendien valt deze grondwaterwel nooit droog. Het water komt thans omhoog met behulp van een electrische pomp, maar het zou ook nog met een klassieke zwengelpomp naar boven kunnen worden gehaald.

    De werkelijke schat schijnt hier echter te bestaan uit het perceel plus opstallen aan de Melkweg zelf. De locatie is zeldzaam mooi en tamelijk uniek te noemen. Melkweg 9 is -zoals gezegd- eigendom van de familie Van Mourik.

    Melkweg 7 is nog immer eigendom van m’n ouders en inmiddels in de zogenoemde ‘stille verkoop’ terechtgekomen.
    Er is geen bepaalde reden -en nog minder haast- aanwezig om dit ongekend fraai gelegen pand te willen verkopen, maar wanneer je er zeker van wilt zijn dat iedereen het weet, dan moet je een woning vooral in de ‘stille verkoop’ doen… Dus wie er zo’n slordige 1,5 miljoen Euro heeft liggen voor dit ‘juweeltje in Blaricum’ mag gerust eens aankloppen bij Makelaardij Schaap en Hollander in Laren.

    Vriendelijke groet,

    Like

  4. het huis van Ome Giel en tante Grada
    Melkweg 9.

    wij waren altijd met z,n drietjes Piet Heerschop, Bertus van de Bergh en mijn persoontje Herman Rigter
    wat ik nooit vergeten ben als wij daar binnen kwamen dat Ome Giel dan zij a,daar heb je het derde van schoppen aas weer
    het was een hele mooie tijd, is het niet waar Piet.

    Groetjes Herman Rigter

    Like

Laat een reactie achter op Ingrid Wiegers Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *