Oog op Blaricum

31 mei 2017

Gedicht

Filed under: gedicht — Oog op Blaricum @ 09:56

De laatste hond van Roberto
bedreven jager op fazanten
is vanochtend uitgetreden –
door de bus die ruim vertraagd
te snel het dorp was ingereden.
De chauffeur is doodgeslagen
zijn bus brandend het ravijn
voorbij de uitgeputte kolenmijn
ingeduwd. De hond weggedragen.
De klok zuchtte sombere uren,
dof – als bloed dat traag nog drupt,
of een oude mond die vaag
iets zegt op wat is gevraagd.

Roberto stond daar in zijn treurig lot
op het plein – alleen, want iedereen
verschool zich voor zijn geweer
waarvan de loop niet doelloos zwaaide
maar in zijn handen het verweer
voor het gebeurde schreef, afgesloten
met een enkel schot.
De klok zwijgt. Terug van het graf
wordt het lijk van de rijder zonder eer
afgevoerd, net zoals de doders en
de duwers – op weg naar hun straf.

Het plein is aangeveegd, met stoom
en bleek verdween het bloed.
De klok slaat zes, die avond is er nog
een keer fazant, de dorpelingendroom
van geluk en wijn en geen verlangen.
Geen hond die blaft.
Geen blad dat naar de nacht toe valt.

1 Comment »

  1. Heftig mooi.

    Comment by Céline Godfroy — 31 mei 2017 @ 11:33 | Beantwoorden


RSS feed for comments on this post.

Geef een reactie

Powered by WordPress.com.

%d bloggers liken dit: