Rekkelijken versus preciezen, vers 3

(Dit is een fotoblog, maar nu even niet.)

Als u iets van uzelf (huis, auto, lichaam) laat controleren dan wel onderzoeken, gaat u er automatisch van uit dat die controle, dat onderzoek (die vi-si-ta-tie) vakkundig en bekwaam zal geschieden. De makelaar die uw huis taxeert of visiteert voor een energielabel, de automonteur die op uw auto een APK uitvoert, de arts of specialist die u onderzoekt – van al deze personen gaat u er vanzelfsprekend uit dat zij hun werk (visitatie) goed zullen verrichten.

Ditzelfde geldt onverkort voor de periodieke visitatie die de PKN (Protestantse Kerk in Nederland) uitvoert in de kerken die bij deze organisatie horen. Ditzelfde geldt helemaal als het gaat om een buitengewone visitatie: een onderzoek dat ‘van bovenaf’ wordt uitgevoerd, doorgaans in het geval er problemen bestaan (of zouden bestaan) in de relatie tussen de predikant en de kerk waardoor hij of zij beroepen is. Juist in deze buitengewone visitatie is uiterste zorgvuldigheid vereist: de visitatie kan immers leiden tot ambtsontheffing (ontslag) voor de predikant, met alle negatieve private, economische en sociaal-maatschappelijke consequenties vandien.

Over de buitengewone visitatie die is uitgevoerd met betrekking tot de predikant van de Dorpskerk in Blaricum kan met geen mogelijkheid worden gezegd dat deze vakkundig, bekwaam en zorgvuldig is uitgevoerd. Uit de veelheid van gesprekken die in deze zijn gevoerd alsmede de bestudering van ter hand gestelde documenten, kan alleen maar worden geconcludeerd dat de visitatie – mild gezegd – een schoolvoorbeeld is van ‘gestuurd broddelwerk’. De visitatie heeft helemaal niets te maken met onafhankelijk en deskundig onderzoek. Wat en passant wél is aangetoond is dat het bestuur (de kerkenraad) van de Dorpskerk zwaar verziekt is en dat het kerkrecht van de PKN op schandalige en zeer verontrustende wijze wordt gekenmerkt door een fundamenteel gebrek aan democratie voor haar leden – de gelovigen en een schrijnend gebrek aan beschermende rechtvaardigheid voor de predikanten.

Bovenstaand oordeel is mede gebaseerd op de criteria die in onderzoekswereld (bevolkt door wetenschappers, laboranten, accountants en organisatie-adviseurs) worden gehanteerd. Het gaat in willekeurige volgorde om:
1. professionaliteit
2. verifierbaarheid
3. representativiteit
4. integriteit
5. transparantie
6. onpartijdigheid
7. onafhankelijkheid

1. Professionaliteit
Van de drie visitatoren (samen de Bijzondere Visitatiecommissie, hierna de BVC) zijn er in ieder geval twee niet professioneel geschoold als mediator. Op de vraag vanuit de kerkgemeenschap of het niet wenselijk zou zijn om integraal vanuit een geschoolde ondergrond te werken, werd gewezen op ‘ervaring’ en werd geantwoord ‘zo kan het ook heel goed’. Voorts is gebleken dat de BVC zich wat betreft werkwijze, het voorkomen van ‘de schijn tegen’ en in de intermenselijke verhoudingen, bij herhaling onprofessioneel heeft gedragen. Voorbeelden zijn het achterwege blijven van een zorgvuldig proces van hoor en wederhoor en het ongemoeid laten van de kerkenraad toen deze bij herhaling het verzoek kreeg een commissie van verzoening in willen te stellen en deze verzoeken in het geheel niet heeft behandeld. De BVC is aldus in haar deeltaak om elke mogelijkheid om tot een oplossing te komen te benutten, tekortgeschoten.

2. Verifieerbaarheid
In dit soort onderzoeken is het van groot belang dat het feitenmateriaal verifieerbaar is, dat wil zeggen dat ondubbelzinnig en eenduidig kan worden vastgesteld dat hetgeen waarop conclusies en adviezen zijn gebaseerd, ook echt waar is. De BVC heeft zich bij herhaling bediend van deze uitspraak: ‘Voor ons zijn meningen feiten.’ In de wetenschap en in de zakelijke dienstverlening wordt men daarmee direct en voorgoed afgeserveerd, met mogelijk een tuchtrechtelijke klacht aan de broek. Voorts heeft de BVC diverse keren uitspraken gedaan en (voorlopige) conclusies op tafel gelegd, zonder daarvoor ook maar enige onderbouwing te (willen of kunnen) geven.

3. Representativiteit
De BVC heeft in totaal over deze kwestie met 30 personen uit de kerkgemeenschap gesproken. Te weten de leden van de (toenmalige) kerkenraad, de leden van de Commissie van Goede Diensten en aanvullend 8 anoniem gebleven personen waarvan niet duidelijk is hoe en op welke gronden die zijn benaderd. Met name op basis van deze gesprekken is de BVC tot zijn oordeel en advies gekomen dat de predikant dé oorzaak is van een onwerkbare situatie, geen stichting meer kan brengen en uit zijn ambt moet worden ontheven.
Echter: een ieder die iets weet van statistiek zal onderschrijven dat 30 van 330 bij lange na geen representatieve steekproef is en dus nooit een betrouwbaar beeld kan opleveren. (Een steekproef uit een populatie van 330 dient bij de normaal gehanteerde betrouwbaarheids- en foutmarges een omvang te hebben van 253.)
Plus: een petitie met als strekking het laten aanblijven van de predikant  is door 285 van de 330 actieve kerkleden ondertekend, zijnde 86%. Dit verhoudingscijfer over de voor- dan wel afkeur aangaande de predikant was al bekend voordat er zelfs maar sprake was van een bijzondere visitatie – het zal derhalve ook bekend geweest zijn bij de BVC toen die met zijn werkzaamheden begon.
Een simpel rekensommetje wijst uit dat het percentage van de kerkleden dat pro-predikant is en waarmee de BVC heeft gesproken hooguit 30% bedraagt. Bij een verschil van 86 vs 30% kan er van representativiteit evenmin sprake zijn. Alleen al op basis van deze cijfermatige verschillen dient het advies van de BVC naar de prullenbak te worden verwezen.

4. Integriteit
Van diverse kanten is gemeld dat de BVC met het anti-predikant-restant van de kerkenraad onderonsjes heeft gehad en ook al eerder op eenzijdige, mogelijk zelfs onjuiste manier is geïnformeerd over de situatie. Daarbij is er van de kant van de kerkenraad kennelijk niet geschroomd zaken ernstiger voor te stellen dan de werkelijkheid. Van de verdachtmakingen richting de predikant is evenwel niets bewezen.
Voorts is vastgesteld dat een der visitatoren die stelde mediator te zijn, gehandeld heeft in strijd met de beroepsregels van mediators, aangezien een mediator geen positie dient in te nemen en de betreffende visitator zichzelf uitriep tot interim-dominee. De gedragsregels voor mediators zeggen letterlijk: ‘De Mediator doet geen uitspraak over de Kwestie’.
Voorts ook heeft de BVC in de afgelopen periode het restant van de kerkenraad geadviseerd ‘te blijven zitten’ en wel in ieder geval totdat de predikant daadwerkelijk uit zijn ambt zou zijn ontheven. Met als gevolg dat van de nu nog zittende leden van de kerkenraad van meer dan de helft de zitingstermijn is verstreken. Bedenkelijker echter is dat mede door dit advies van de BVC het kerkenraad-restant besluiten neemt/heeft genomen met een volgens de PKN-regels onvoldoende quorum (van 50%). Een dergelijk advies geven in een dergelijke situatie grenst aan het onoirbare en riekt naar partijtrekken en bevoordeling.
De BVC heeft aldus bijgdragen aan onbehoorlijk bestuur en mogelijk aan de nietigheid van genomen besluiten. In ieder geval heeft de BVC bij het overgrote deel van de kerkgemeenschap de schijn op zich geladen ‘met de kerkenraad onder één hoedje te spelen’.

5. Transparantie
Tijdens informatiebijeenkomsten hebben de leden van de gemeente ondanks herhaaldelijk verzoek om openheid te geven over de problematiek geen duidelijke informatie gekregen. Het argument dat telkenmale werd gehanteerd was dat men vanwege geheimhouding niets mocht zeggen. Het dan toch houden van informatie-bijeenkomsten was derhalve niets meer dan schijnopenheid, of misschien wel een poging zieltjes te winnen voor een onwaarheid.

De visitatoren gedroegen zich tijdens informatiebijeenkomsten arrogant en werden nijdig omdat de aanwezigen zorgvuldige vragen stelden waarop de BVC blijkbaar geen antwoorden wilde of kon geven. Tot op de dag van vandaag is niet uitgelegd waarom de predikant geen stichting meer zou kunnen brengen en is het volstrekt onduidelijk waarom de huidige situatie wordt aangemerkt als ‘onwerkbare arbeidsverhouding’, noch waarom of waardoor de predikant daar de schuld van zou hebben. Walmen uit een achterkamertje zijn niet bepaald het equivalent van transparantie.

 6. Onpartijdigheid
Uit alle uitingen van de BVC blijkt dat hij vindt dat de predikant de enige schuldige is. Nergens is terug te vinden dat de voorzitter van de kerkenraad al enkele jaren bezig is ‘de poten onder de stoel van de predikant weg te zagen’. Nergens is te lezen dat de voorzitter daarvoor door prominenten in de kerk op zijn vingers is getikt. Nergens is te lezen dat de voorzitter in de kerkenraad een klimaat van overdrijving, van zwartmakerij en van polarisatie heeft doen c.q. laten ontstaan. Nergens is te lezen dat de pro-predikant-leden van de kerkenraad daarom successievelijk de kerkenraad hebben verlaten en dat het resterende, niet-representartieve anti-predikant-deel van de kerkenraad onder aanvoering van de voorzitter de weg is opgegaan van ambtsontheffing. Ergo: de BVC gaat glashard voorbij aan de bedenkelijke rol c.q. het disfunctioneren in deze van de restanten van de kerkenraad c.q. haar voorzitter.

7. Onafhankelijkheid
Op basis van het ‘visitatieverleden’ van de leden van de BVC en de werkwijze van deze commissie moet aan zijn onafhankelijkheid ter sterkste worden getwijfeld. Het heeft er in ieder geval alle schijn van dat de BVC zich gesteund (of beschermd) acht door het schrijnende gebrek aan democratie en (arbeidsrechtelijke) rechtvaardigheid binnen de PKN (en dus ook binnen de Dorpskerk!), alsmede het eeuwenoude preciezen-dogma ‘de kerk heeft altijd gelijk en de predikant dus niet’. Sprekend in deze is de expliciete mededeling van de voorzitter van de BVC dat ‘gemeenteleden in de PKN niets te vertellen hebben’. De BVC lijkt volledig in lijn met deze volstrekt ondemocratische en archaïsche opvatting zijn werk te hebben gedaan.

Mede waardoor de BVC een naargeestig zo niet verwoestend werktuig lijkt te zijn geworden ten nutte van de PKN waarvan de regelende principes, de rechtspraak en de ondemocratische structuur en cultuur zwaar achterhaald zijn en tevens ten nutte is geworden van een niet-representatief kerkenraad-restant dat zijn geloofsovertuiging heeft laten verdringen en vergiftigen door machtsdenken en ijdelheid.

Herhaald wordt dat het advies dat de Bijzondere Visitatiecommissie op 4 juli jl. heeft neergelegd bij het Generaal College voor de Ambtsontheffing in de PKN, als niets anders kan worden aangeduid dan ‘gestuurd broddelwerk’. Van vakbekwaamheid is geen sprake, van toegevoegde waarde evenmin. Geen enkele accountant, geen enkele organisatie-adviseur, geen enkele business consultant, geen enkele mediator werkzaam in het  bedrijfsleven of voor particulieren, geen enkele journalist – geen van hen met ook maar een greintje zelfrespect en respect voor het belang van de zorgvuldigheid, zal het aandurven om over een goed functionerende gemeenschap tot een verkracht beeld van de werkelijkheid te concluderen en een kapotmakend advies uit te brengen dat voornamelijk is gebaseerd op een moreel failliet.

De conclusie in deze kan niet anders zijn dan dat het advies om de predikant uit zijn ambt te ontzetten direct terzijde moet worden gelegd, niet alleen vanwege het flagrante gebrek aan kwaliteit, maar zeker ook omdat uitvoering van het advies én de predikant én de kerkgemeenschap van de Dorpskerk én de gemeente Blaricum in haar geheel grote en lang doorwerkende schade zal berokkenen.

Wordt binnenkort vervolgd met vers 4: ‘Hoe kapot is de Dorpskerk nu?’

***
Vers 1: hier,
Vers 2: hier,

Zo, dit  is nu weer een fotoblog.

5 gedachten over “Rekkelijken versus preciezen, vers 3

  1. Niet bekend zijnde met procedures t.a.v. de kerkenraad, neem ik voorlopig aan dat het een democratisch verkozen orgaan is. (?)
    Bestaat er geen mogelijkheid om een procedure te starten om de voorzitter van deze raad, of de gehele raad, te vervangen door onpartijdige mensen met een frisse blik op deze hele kwestie?

    Alle publicaties gelezen hebbende, meen ik vast te mogen stellen dat er van objectiviteit en onpartijdigheid binnen deze raad, en met name de voorzitter, geen sprake is.
    Is het ook niet zo dat een voorzitter, van welk bedrijf of instituut dan ook, aan wiens motieven door een duidelijke meerderheid – 86% – wordt getwijfeld, de eer aan zich zelf houdt, en opstapt?

    Al met al is dit een farce, een schande, duidelijk geïnitieerd door een starre, ondemocratische houding van een kerkenraad. Wat is een kerkgemeenschap nog waard wanneer er geen sprake is van transparantie en democratie?

    Like

  2. 80 procent van alle oorlogen in de wereld gaan over het geloof, het is in Blaricum niet anders.
    Lekker doormodderen mensen, ik GELOOF het wel.

    Like

  3. De statistiek opmerking lijkt niet passend. Mits de steekproef random is getrokken is 30 uit 330 een heel behoorlijk aantal waarop wel degelijk onderbouwde conclusies kunnen worden getrokken.
    Een echte statisticus kan deze cijfers zo oplepelen.
    Het lijkt erop,datnin dit verhaal echter geen sprake is van een steekproef (random getrokken) maar van een deelwaarneming, op voorhand op basis van selectiecriteria bepaalde personen. Dan geldt de betrouwbaarheid niet zoals in een steekproef.

    Verder is hetnlastig te beoordelen, was er niet bij en ken de feiten niet.

    Oog: foutenmarge 3%; betrouwbaarheidsniveau 95%; omdat de sterk verdeelde kerkenraad het grootste gedeelte van de steekproef uitmaakte (de populatie is derhalve bepaald niet at random onderzocht), hadden genoemde parameters nog wel scherper mogen zijn, hetgeen voor de betrouwbaarheid een nog grotere steekproef zou hebben opgeleverd.

    Like

  4. Hetzij “deelwaarneming” of “steekproef”. Deze is gehouden onder een select gezelschap, niet objectief of “onpartijdig”.
    Heeft men de durf en het fatsoen om eenzelfde onderzoek te doen onder de leden van het kerkgenootschap? Na complete openheid van zaken? Zonder vooraf gecensureerde berichtgeving?

    Hoe anders zou de metingsuitslag zijn!

    Zo lang dit niet gebeurd, zal elke conclusie/uitspraak in deze kwestie totaal ongeloofwaardig zijn……… En is het inderdaad het beste, zoals elders geschreven, de gemeente maar op te heffen, elders opnieuw te beginnen en een andere bestemming te zoeken voor de prachtige kerk.

    Oog: er is een andere ambitie – daarover binnenkort heel veel meer

    Like

Laat een reactie achter op W. Venema Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *