Kermiszaterdagavond (1)

Wie meent dat het kermisbiertje op zaterdagavond er de afgelopen jaren door geldzuchtige horecabedrijven een beetje is ‘bijgerommeld’, vergist zich. Of doet ‘een beetje dom’ afbreuk aan de lokale geschiedenis, traditie en cultuur.

In bijvoorbeeld het artikel De Blaricumse Kermis gaat nooit verlorenvan dorpskenner bij uitstek Jan W. Rigter in hei&wei nr. 124 (september 1990), leest men ondermeer dat de kermis (oogstfeest) in 1901 hoofdzakelijk bestond uit ‘de ene kroeg in en de andere weer uit’. Kramen en attracties waren er nauwelijks – het was vooral alle dagen veel bier, vechten en vrijerijen.

Interessant is ook dat er rond 1910 meer aandacht kwam voor onder andere sjeesrijden. De toenmalige pastoor Hoebink vond echter dat er geen meisjes naast de jongens op de bok mochten zitten. Zijn opvolger Snelting was veel ruimdenkender en die vond dat juist wel goed, en dan bij voorkeur met meisjes van buiten het dorp.  RK-kerk, hè …?!

Weer wat later (1920) kreeg de kermis ook hardrijden op losse paarden en het ongezadeld ringsteken (eerst in de Dorpsstraat). Dat trok van heinde en verre veel volk. Toen begonnen ook de kermisexploitanten te komen. Feit is dus dat ongezadeld ringsteken al jaar en dag bij de kermis hoort – en dat ook daarom de dag waarop dat plaatsvindt alom wordt beschouwd als een echte kermisdag. Tegenwoordig is dat de zaterdag …

Feit is ook dat burgemeester Tydeman niet alleen in 1959 de grote aanjager was van de verplaatsing van de kermis van de Bierweg naar de Torenlaan/Huizerweg, maar ook de uitbaters van Moeke Spijkstra en d’Ouwe Tak ertoe aanzette in hun zaken kermis-gerelateerde activiteiten te laten plaatsvinden (muziek, snacks).

Ook uit andere bron (Linda Eggenkamp, zelfde hei&wei) valt te concluderen dat bijvoorbeeld in 1990 de kermis vier tot vijf dagen duurde, grote regionale betekenis en aantrekkingskracht had en werd beoordeeld met ‘Zo’n feest kan alleen in Blaricum’.

Historisch is de ervaring van de in 1996 net aangetreden Pastor Cuno Lavaleije, die zijn dochter rond half elf ’s avonds naar Hilversum (trein) wilde brengen. Het was kermiszaterdagavond, het vuurwerk was geweest en zowel bij Vitus en Tak kon hij er niet of nauwelijks door.

Over de kermis in 2000 leest men in hei&wei nr. 234 (september van dat jaar) over de zaterdag: ‘Na de inleidende activiteiten overdag met ringsteken op het losse paard en een voetbaltoernooi in het sportpark [en met Lol met je Knol, de lampionnenoptocht en het optreden op Rust Wat] knalt het vuurwerk … het definitieve begin van de kermisweek in.’

Even verder schrijft Ina Schaafsma ook: ‘Later op de avond treft men elkaar weer in de diverse etablissementen die hun terrein tot ver buiten de oorspronkelijke terrassen hebben uitgebreid. Blaricum is even ontoegankelijk voor al het verkeer.’

Interessant is tevens wat omwonenden van bijvoorbeeld d’Ouwe Tak zich van vroegere kermis-zaterdagavonden kunnen herinneren. Eentje zegt: ‘In 1972 was er geen doorkomen aan. Zeker vijf paarden stonden her en der aan bomen en tuinhekken vastgebonden en veel van de overige kroeg- en kermisgangers waren met de tractor gekomen.’ Anderen weten zeker, aan de hand van de leeftijd van kinderen, een verbouwing, een scheiding of andere markante gebeurtenissen, dat ‘het al zeker 15 jaar in en om de Tak op kermiszaterdagavond’ een enorme gezellige boel is. En: ‘Al ruim voordat Moeke de boel groots begon aan te pakken, was het zeker ook op zaterdag bij de Tak groot feest – met straatverkoop.’ Of anders deze: ‘Toen de nieuwe OBB er stond (2003), was het op kermiszaterdag ’s avonds al flink druk bij (= in en rond) de Tak en elders in het Dorp.’

Dat het Dorp 11 jaar geleden dus op genoemde avond ‘stil’ zou zijn geweest lijkt hiermee niet te kloppen … Dat de hele kermiszaterdag onderdeel is van traditie en cultuur is wél duidelijk. Het besluit dat neerkomt op ‘wel kermisactiviteiten op de zaterdag maar geen bijbehorend biertje en broodje’ is een beschadiging van traditie en cultuur. Daarnaast lijkt dit besluit de onbeheersbaarheid c.q. het risico van ongeregeldheden juist te vergroten.

Volgende aflevering: hoe verder?

3 gedachten over “Kermiszaterdagavond (1)

  1. Het probleem van het overlast waar men het de laatste jaren binnen de gemeente over heeft is niet te verwijten aan de Blaricummers zelf maar aan al die van buiten af. De Huizerse jeugd die doel bewust stennis komen maken. Daar moet de gemeente zich druk om maken. Maar nee zij doen net als de gemeente Emmen overlasters een podium geven. Het andere probleem is de de overladende aandacht van buitenaf. Bezoekers die de illusie hebben dat zij op ons feest mogelijk een BNN-er tegen gaan komen. Ik heb de oplossing : sluit hermetisch rond het centrum alle toegangswegen af. Het feest is dan alleen toegankelijk voor de Blaricummers en genodigden. 🙂 🙂 Probleem opgelost. Net als in Laren met Sonny’s Inc.

  2. Het probleem is begonnen “nadat Moeke de boel groots begon aan te pakken”. Ongeveer 12 jaar geleden. Er moest een buitenpodium komen met “Nederlandse (B) artiesten”. Daar kwam en komen veel personen van buiten Blaricum op af die niet voor de gezellige kermis komen, maar voor de artiesten; er wordt teveel gedronken en de sfeer wordt zeer onaangenaam daardoor. Verder wordt de sluitingstijd ver overschreden! Van een “gezellige” avond is geen sprake meer. Gelukkig heeft de Raad het buitenpodium niet meer toegestaan.

Geef een reactie