Ze liggen vooral op plaatsen …

… waar niemand ooit een auto heeft zien staan; ze zijn spuuglelijk; ze hebben helemaal niets met de lokale cultuur en natuur te maken; het lijkt hier wel een kürort in de Harz, of een vakantiepark in de Apenijnen – graag a.s.a.p. bij elkaar rapen en er op het plein van het BEL-kantoor een hunebed van bouwen – voor als de ambtenaren even een tussentukje willen doen.

Vrijliggend tegelvoetpad komt …

… rechts van het rode (door)fietspad.

En aan het einde van de week …

… is het weer mooi ijs-weer.