Gedicht: Herrijzenis

Het schemert al wat jaren
maar bij de zwarte engelen
brandt het licht nog niet.
’t Geheugen zwaar te moede
ooit erewacht van mijn bestaan
huilt – onzeker of het hoopt
op toch nog een verhaal of
de streling van een vleugelslag.

Wie goed de tranen leest, weet
wat immer woonde in mijn hart.
Uit de verte klinkt dun en
eindeloos de laatste zang van
de stervende vogel des doods.
De schilder zet een herrijzenis op
en dan sterf ik om te leven
omdat mijn liefde eeuwig is.

Mahler 2