Oog te voet gedoogt dan maar dit parkeren – totdat er even verderop en aan de overkant twee plaatsen vrijkomen.
De bestuurster daarop geattendeerd, en op het invalidenbord. En op het op de stoep staan, en op het niet gebruiken van een invalidenkaart, noch van een blauwe kaart. En het onnodig laten draaien van de motor. Oh, en ter plekke geldt ook een stopverbod.
Welbeschaafd en wellicht goed opgeleid is de reactie: ‘Heeft u die plek nodig, dan?’
Het niet-gesprek verzandt in arrogant gekakel, half doorgaan met appen en een raampje dat weer dichtschuift.
Wat later komt een jong mensje met de boodschapjes: magere yoghurtjes en zo, want de eigen gezondheid is belangrijk.
‘Heeft u die plek nodig, dan?’ Nee die plek niet, wel wat medelijden. Bestuurster mag raden voor wie.
Een EMG zou nuttig zijn.

Vind-ik-leuk Aan het laden...