‘…, ik heb je lief en …’ – plus reactie

Tijdens werkzaamheden op de eng bij de Bergweg gevonden door oerboer Willem van de Eemnesserweg. Wat het hele verhaal is (geworden) horen hij en Oog graag.

Reactie:

Nu maar hopen dat de niet-geplasticifeerde versie van de gelofte nog steeds bestaat en wordt beleefd.

Oerboer Willem verwacht u.

Ook van Rueter

Kenmerken: eenvoud, harmonie en doelmatigheid. Zijn leven lang zou Theo Rueter vasthouden aan een ambachtelijke bouwwijze, traditionele materialen en harmonie tussen architectuur en de omringende natuur. Daarbij liet hij zich beïnvloeden door de traditionele landelijke architectuur, die hij uit het Gooi kende, maar ook zoals hij die op zijn vele reizen tegenkwam, onder meer in het Verre Oosten. Als architect had Rueter het tij mee. Het Gooi ontwikkelde zich tot forensenregio er er ontstond een markt voor een nieuw type woning, kleiner dan het traditionele negentiende-eeuwse landhuis, maar tegemoetkomend aan eigentijdse eisen van comfort, licht, lucht en ruimte. Ook het Oog-huis is getekend (1935) door Rueter.

Fluwelen superlullige einde

Wie bijvoorbeeld de armada van Blushing- en Bierweg-bakfietsmamsjes naar en van school ziet gaan, hoort in al het begeleidende gekwaak en gekwetter (al dan niet in of uit mobieltjes) dat één woord veelvuldig wordt gebruikt. De ene keer als op zichzelf staand bijwoord, dan weer gekoppeld aan andere bijwoorden. Het gaat hier om super, en om superleuk, supergoed, superlief, supermooi. Enz., enz. Met als chique variant een zinderende s en een lang aangehouden u – sssuuuuuper! – afgesloten met een op de hoofdstedelijke grachtengordel aangeleerde en op Ibiza of Ameland geperfectioneerde Gooise r. Je wilt geschikt zijn voor de import – of je wilt het niet, hè?

Het grappige is dat dit verbale lemmingengedrag door de gebruiksters vooral wordt gezien als bewijs van meetellen, van deze tijd zijn, ertoe doen. Superbelangrijk zijn. Modewoord? Ja, natuurlijk! We zijn immers (nog) erg in de mode, (hopelijk) erg up to date, erg … super! Vaak dus zijn het superego’tjes van onmetelijke omvang.

Wat de lieve snoetjes niet weten is dat super in feite een mager plebejersaftreksel is van een bewonderende krachtterm en taalkundige diamant uit de jaren zestig. Ja, 1966 en die omgeving. Toen vond men iets (dat goed of indrukwekkend was) niet simpel super, maar ‘het fluwelen superlullige einde‘.

Kijk, dát was tenminste een uitdrukking met eigenheid. Het hedendaagse super is daarnaast niet alleen dus een atrofisch kreetje (waarmee vroeger een orgasme werd gedegradeerd tot de hoestbui van een krekeltje), maar ook een potentiële bron van verwarring. Knapsnoetje komt met haar dikbillige glansmobiel aan de pomp, de pompbediende meldt zich bij haar half geopende raampje (ze kan natuurlijk niet zelf tanken) en zegt ‘Zal ik u volgooien?’ Het ondeugende ervan zal haar wel ontgaan en ze antwoordt blond en blij: ‘Ja, super!’ En als hij er dat dan (niet hem …) ingooit, terwijl ze diesel rijdt …

Enfin, onderstaand wat bewijs uit de Hitweek van september 1966. Let ook even op de prijs van die toen uiterst urgente periodiek.

BEL-Veteranendag 2019

Foto Desiree Nelemans.

Bevrijdingstocht op Oranjeweitje

Ritje met legervoertuig?

Instappen o.a. bij de Muziektent, dan naar Laren, restaurant Tafelberg en terug.
Kost 10 euro, voor goed doel.
Met vanmiddag ook de Packard van generaal Eisenhower!

In de agenda – vanavond ook

Kermiszaterdagavond (1)

Wie meent dat het kermisbiertje op zaterdagavond er de afgelopen jaren door geldzuchtige horecabedrijven een beetje is ‘bijgerommeld’, vergist zich. Of doet ‘een beetje dom’ afbreuk aan de lokale geschiedenis, traditie en cultuur.

In bijvoorbeeld het artikel De Blaricumse Kermis gaat nooit verlorenvan dorpskenner bij uitstek Jan W. Rigter in hei&wei nr. 124 (september 1990), leest men ondermeer dat de kermis (oogstfeest) in 1901 hoofdzakelijk bestond uit ‘de ene kroeg in en de andere weer uit’. Kramen en attracties waren er nauwelijks – het was vooral alle dagen veel bier, vechten en vrijerijen.

Interessant is ook dat er rond 1910 meer aandacht kwam voor onder andere sjeesrijden. De toenmalige pastoor Hoebink vond echter dat er geen meisjes naast de jongens op de bok mochten zitten. Zijn opvolger Snelting was veel ruimdenkender en die vond dat juist wel goed, en dan bij voorkeur met meisjes van buiten het dorp.  RK-kerk, hè …?!

Weer wat later (1920) kreeg de kermis ook hardrijden op losse paarden en het ongezadeld ringsteken (eerst in de Dorpsstraat). Dat trok van heinde en verre veel volk. Toen begonnen ook de kermisexploitanten te komen. Feit is dus dat ongezadeld ringsteken al jaar en dag bij de kermis hoort – en dat ook daarom de dag waarop dat plaatsvindt alom wordt beschouwd als een echte kermisdag. Tegenwoordig is dat de zaterdag …

Feit is ook dat burgemeester Tydeman niet alleen in 1959 de grote aanjager was van de verplaatsing van de kermis van de Bierweg naar de Torenlaan/Huizerweg, maar ook de uitbaters van Moeke Spijkstra en d’Ouwe Tak ertoe aanzette in hun zaken kermis-gerelateerde activiteiten te laten plaatsvinden (muziek, snacks).

Ook uit andere bron (Linda Eggenkamp, zelfde hei&wei) valt te concluderen dat bijvoorbeeld in 1990 de kermis vier tot vijf dagen duurde, grote regionale betekenis en aantrekkingskracht had en werd beoordeeld met ‘Zo’n feest kan alleen in Blaricum’.

Historisch is de ervaring van de in 1996 net aangetreden Pastor Cuno Lavaleije, die zijn dochter rond half elf ’s avonds naar Hilversum (trein) wilde brengen. Het was kermiszaterdagavond, het vuurwerk was geweest en zowel bij Vitus en Tak kon hij er niet of nauwelijks door.

Over de kermis in 2000 leest men in hei&wei nr. 234 (september van dat jaar) over de zaterdag: ‘Na de inleidende activiteiten overdag met ringsteken op het losse paard en een voetbaltoernooi in het sportpark [en met Lol met je Knol, de lampionnenoptocht en het optreden op Rust Wat] knalt het vuurwerk … het definitieve begin van de kermisweek in.’

Even verder schrijft Ina Schaafsma ook: ‘Later op de avond treft men elkaar weer in de diverse etablissementen die hun terrein tot ver buiten de oorspronkelijke terrassen hebben uitgebreid. Blaricum is even ontoegankelijk voor al het verkeer.’

Interessant is tevens wat omwonenden van bijvoorbeeld d’Ouwe Tak zich van vroegere kermis-zaterdagavonden kunnen herinneren. Eentje zegt: ‘In 1972 was er geen doorkomen aan. Zeker vijf paarden stonden her en der aan bomen en tuinhekken vastgebonden en veel van de overige kroeg- en kermisgangers waren met de tractor gekomen.’ Anderen weten zeker, aan de hand van de leeftijd van kinderen, een verbouwing, een scheiding of andere markante gebeurtenissen, dat ‘het al zeker 15 jaar in en om de Tak op kermiszaterdagavond’ een enorme gezellige boel is. En: ‘Al ruim voordat Moeke de boel groots begon aan te pakken, was het zeker ook op zaterdag bij de Tak groot feest – met straatverkoop.’ Of anders deze: ‘Toen de nieuwe OBB er stond (2003), was het op kermiszaterdag ’s avonds al flink druk bij (= in en rond) de Tak en elders in het Dorp.’

Dat het Dorp 11 jaar geleden dus op genoemde avond ‘stil’ zou zijn geweest lijkt hiermee niet te kloppen … Dat de hele kermiszaterdag onderdeel is van traditie en cultuur is wél duidelijk. Het besluit dat neerkomt op ‘wel kermisactiviteiten op de zaterdag maar geen bijbehorend biertje en broodje’ is een beschadiging van traditie en cultuur. Daarnaast lijkt dit besluit de onbeheersbaarheid c.q. het risico van ongeregeldheden juist te vergroten.

Volgende aflevering: hoe verder?

In de agenda

Op zaterdag 6 april 2019 organiseert de Historische Kring Blaricum een dorpswandeling o.l.v. een gids. Vertrek vanaf ‘Achter de Deel’, het onderkomen van de Kring aan de Brinklaan 4a in Blaricum. De wandeling start om 14.30 uur. Een rondwandeling door ons mooie dorp Blaricum brengt u op bekende en minder bekende plekjes, waar de geschiedenis nog volop aanwezig is.

 

Gids Frans Ruijter laat u deze geschiedenis proeven en herbeleven. Welk gedeelte van het dorp aan bod komt, hangt ook af van de deelnemers. Met elkaar wordt bepaald waarom en waar we heen wandelen. Als u denkt dat we ook langs BN’ers gaan, bent u bij ons niet aan het goede adres. Wij van de Historische Kring Blaricum koesteren het verleden en willen graag bewerkstelligen dat we met z’n allen zuinig moeten zijn op ons mooie culturele erfgoed, want dat is Blaricum zonder meer.

Kosten: voor leden van de Historische Kring is de wandeling gratis. Niet leden betalen € 3,-. Na een korte uitleg binnen, onder het genot van een gratis kopje koffie of thee wordt er om 14.30 uur gestart met de wandeling. Omstreeks 16.00 uur zijn we dan weer terug.
U bent verzekerd van deelname als u zich aanmeldt via info@hkblaricum.nl of telefonisch bij de secretaris van de Historische Kring Blaricum, tel: 06 53 16 80 06.