Politieke naargeestigheid

Onderstaand het lokale politieke veld, met daarbij het aantal zetels dat de diverse partijen op 18 maart jl. hebben gekregen. Hart voor Blaricum heeft gemeend het voortouw te kunnen, mogen en moeten nemen bij de gesprekken over een te vormen coalitie. Beetje erg vreemd, want de partij is dan wel de grootste gebleven, maar heeft ook door de halvering de status verworven van grootste verliezer. Men beroept zich op ‘de politieke gewoonte’. Maar er zijn tal van gemeenten in Nederland waar ‘de grootste winnaar’ de voorkeur krijgt boven ‘de grootste partij’.

Het ware natuurlijk beter en logischer geweest als De Blaricumse Partij het voortouw had genomen/gekregen – deze partij is immers met de laatste verkiezingen 1,5 groter geworden en heeft een zetel gewonnen. Eventueel samen met Het Geluid van Blaricum, dat immers van 0 naar 2 verkiezingszetels is gegaan. Samen hebben ze de drie zetels gewonnen die HvB heeft verloren. Dus DBP en Geluid zouden de kern moeten zijn van de coalitievorming.

Geruchten gaan dat HvB koerst op een voortzetting van de bestaande coalitie HvB-VVD-D66. Die heeft echter na de recente verkiezingen 8 zetels, van de 15. Dat is heel krap. Dat betekent vier jaar lang kadaverdiscipline en nooit iemand ziek. Laat staan een coalitie-raadslid dat overstapt naar de oppositie. Want dat is einde meerderheid. Dus daarom, zo gaat het gerucht, wordt overwogen om of het CDA of GL/PvdA aan de nieuw/oude coalitie te laten aanhaken. Dus als een soort verzekering ter behoud van de meerderheid. Een slotje op de deur. Een blijk van weinig politiek zelfvertrouwen. Niet erg verheffend om als kleine politieke partij om die reden mee te mogen doen. Iets met politieke ethiek en zo …

Het volgende dwaze en dorpsonvriendelijke scenario is derhalve mogelijk: een coalitie die wordt gevormd door een gehalveerde dorpspartij, aangevuld met twee of drie landelijke partijen, en twee winnende dorpspartijen verwezen naar de oppositiebankjes. Hallelujah, leve de democratie. Hart voor Blaricum is een echte machtspartij geworden. Jammer voor Blaricum. Mooi dorp, zonder een eigen bestuur. Zeker, het mag en de meeste stemmen gelden. Maar van morele legimiteit is geen sprake. Van een groot draagvlak in de diverse wijken waarschijnlijk ook niet. Met in het achterhoofd dan wel prominent op de netvliezen de diverse dossiers waarop de huidige coalitie bepaald geen voldoende heeft gescoord, bestaat er nu de kans dat Blaricum politiek gezien een naargeestige vier jaar tegemoet gaat.

Geluid grootste winnaar, HvB grootste verliezer

Morgen Vrouwendag

Bij de Blaricumsche Boekhandel kunt u terecht voor meerdere interessante en urgente titels over dit thema.
Zo ook bij de Volkskrant, alwaar oud-dorpsgenote en journaliste Fidessa van Rietschoten een krachtige opinie laat horen – HIER.

Verkiezingsvreemdheden

Terwijl in Huizen en Laren de diverse politieke partijen in de openbare ruimte hun verkiezingsborden hebben geplaatst (of dar op dit moment (11:30 uur) mee bezig zijn), schijnt dit in Blaricum pas te mogen vanaf 4 maart. Daarnaast schijnt het zo te zijn dat collega-BELgemeente Eemnes wel een stemwijzer heeft, maar dat Blaricum die niet heeft omdat het college van B&W daarvoor geen geld beschikbaar wilde stellen. Met gevolg dat de landelijke partijen die ook in Blaricum meedoen (VVD, D66, GL/PvdA, CDA), in andere gemeenten al wel in beeld komen, hetgeen voor de lokale partijen alhier dus een benadeling is. Los natuurlijk van de overweging dat er zeker met verkiezingen eenheid van beleid moet zijn, en dat is nu alhier niet het geval. Komt nog bij dat elke politieke partij in de openbare ruimte één spandoek op zou mogen hangen … Wat al wel mag is verkiezingsuitingen op eigen terrein – waarvan onderstaand een luid voorbeeld.

Tiny Houses-fonds

Naar aanleiding van het bericht dat in Blaricum de gemiddelde verkoopprijs voor huizen in 2025 het hoogste was in Nederland (1,1 mln, Bloemendaal 1,0 mln en Laren 0,98 mln), deed NH TV eerder deze week een rondje straatinterviewtjes. Oog viel ook in de prijzen en mocht de infantiele vraag beantwoorden of hij trots was op die eerste plaats. Het antwoord is correct weergegeven in de foto. Maar Oog zei meer: …

Maar Oog zei nóg meer – en dat is in het NH TV-bericht niet opgenomen.
‘Het is wenselijk dat bij elke vastgoeddeal van 2 mln of meer, de betrokken makelaar en de nieuwe eigenaar zorgen voor een tiny house ergens in de gemeente, of 5% van de transactiewaarde in een Tiny Houses-fonds storten. Anders mag de deal niet doorgaan. Als daarnaast de gemeentepolitiek haar toezeggingen en ambities over tiny houses (zie verkiezingsprogramma’s van vier jaar en langer geleden …) nou eens wél nakomt, dan kunnen er binnen de kortste keren starters en andere woningzoekenden worden geholpen.’

Goed idee? Suggesties voor locaties?

///

On-vrede om kerstboom

Kennelijk is, met een sneu aandoende eenzijdigheid, de campagne voor de raadsverkiezingen van 18 maart 2026 in de Bijvanck van start gegaan. Energiebron is de (?) gemeentelijke kerstboom die naar de smaak van een aantal wijkbewoners wat aan de kleine kant is. Een regiokrant is erbij gekomen, foto gemaakt en wat ronkende tekst gepubliceerd. ‘Bijvanck achtergesteld gebied!, Bijvanck ondergeschoven kindje.’ En vanuit het college van B&W is gemeld  dat er een boom van 5 meter (hoogte) is gevonden.

Tjee. En dat over een wijk die net zo’n 50 jaartjes bestaat en waar voor zo’n 35 mln euro wordt gespendeerd aan ‘de verbetering’. Tjee … reken maar dat zij (…) in het Dorp daar stinkend jaloers op zijn. Want dat Dorp zit met nogal wat straten en wegen die een paar eeuwen oud zijn en waar nul euro aan wordt besteed voor ‘verbetering’. Wegen die hardstikke onveilig zijn en waarvan het al dan niet noodzakelijke gebruik afbreuk doet aan de leefbaarheid – nul euro. Of de boel wordt voorzien van die roze vinex-keien.
De wegen in het Dorp – waarover in de Strategische Visie 2030 al het nodige werd gezegd – en waarmee niets is gedaan. Uit welk jaar die Visie is? Uit 2010. Dus vijftien jaar geleden … en dan niets! Wie of wat is achtergebleven …?

En een gemeentelijke kerstboom? Niet in het Dorp, niet in de wijk Crailo (o ja, die hebben we ook nog …) en ook niet in die o zo goed doordachte nieuwe wijk de Meent, zonder centrum en zonder zelfs maar iets van een centrale plaats …

Dit terzijde. Het zijn feiten, maar roepen zuur op. Komen we niet verder mee. Dus ook maar niet op reageren.

Het ware beter geweest als de politieke opportunisten kennis hadden genomen van de scriptie van een zekere dorpsgenoot, die daarmee in 2003 zijn master haalde in de Cultuursociologie aan de Universiteit van Amsterdam. 

Die scriptie heet Blaricumse betrokkenheid en geeft een antwoord op de vraag ‘In welke mate zijn Blaricummers op elkaar betrokken?’ Waarbij de sturende gedachte was: ‘Hoe meer betrokkenheid, hoe meer ‘samenleving’ er is, en omgekeerd.’

De conclusie van dit werkstuk (beoordeeld met een 7) luidde: ‘De Blaricumse betrokkenheid is niet erg groot en neemt af. Dit geldt voor zowel de afzonderlijke wijken als voor de gemeente als geheel.’ Ofwel: uitgestoken handen vanuit het Dorp naar de Bijvanck waren er niet zo veel, maar die vanuit de Bijvanck richting het Dorp evenmin! En ook dat lijkt na dik twee decennia niet te zijn veranderd/verbeterd.

En even verder: ‘De vraag of Blaricum-Dorp en de Bijvanck vanuit sociologisch perspectief tesamen als één coherente samenleving kunnen worden beschouwd, krijgt dan ook een ontkennend antwoord.’ En ook: ‘Er is geen sprake van uitsluiting, wel van non-integratie.’ En ten slotte (2003!): ‘… de individualisering schrijdt voort, in het Dorp neigende naar egoïsme.’

Blaricum was al in 2003 ‘een geformaliseerd samenstel van sociale enclaves en mono-culturen.’ Velen zullen het ermee eens zijn dat dit in de voorbije 22 jaar niet minder is geworden, maar meer. Scherper. Ook door externe ontwikkelingen, maar ook door intrinsieke lokale krachten en fenomenen.  

Hoe dan en wat betekent dit voor nu – en later?
Het Dorp is nu eenmaal anders dan de Bijvanck, de Bijvanck weer anders dan de Meent en die wijk weer anders dan het Dorp. Het is wat het is. Net zoals u bent die u bent, maar anders dan uw linkerburen en weer anders dan uw rechterburen – en die buren verschillen ook weer van elkaar. En toch woont men best aardig en vredig en in meer of mindere mate op elkaar betrokken in dezelfde straat. Verschillen zijn inherent aan het bestaan. En de grootste rijkdom is misschien wel bescheidenheid.

Er valt derhalve niets te eisen, niets te forceren. Niets te huilen noch te mekkeren. Wel te begrijpen, in te zien, te accepteren, te respecteren. Niet weglopen alstublieft voor de conclusie dat de een nu eenmaal anders is dan de ander: buren, wijken, gemeenten, landen, rassen, gender.

En er sowieso geen politiek beladen issue van maken. Anders zijn betekent no way minder zijn. Anders zijn is niet ‘achtergesteld’, niet ‘ondergeschoven’. Anders zijn behoeft ook geen verdere invulling, geen vergelijking, geen ranking, geen competitie.

Wees blij met wie je bent en wat je krijgt, en denk nog ’s na of je wat zou kunnen geven. Ook als je in de Bijvanck woont en je het beeld van zo’n rijkestinkerd uit het Dorp op je netvliezen hebt. Ook achter je hoge haag en stalen hek en je je afvraagt hoe ‘het andere leven’ zou zijn. Beweeg, ga op zoek. Trots zijn op je zelf is oneindig veel beter dan een nergens op slaande slachtofferrol. Anders zijn is zijn.

Ter afsluiting en te gebruiken als wat ‘sociaal huiswerk’ de twee laatste vragen die in het veldonderzoek van de scriptie aan 18 geïnterviewde dorpsgenoten zijn gesteld:

  • Bent u een Bijvancker die in Blaricum woont, of een Blaricummer die in de Bijvanck woont?
  • Bent u een Dorper die in Blaricum woont, of een Blaricummer die in het Dorp woont?

///

Dit is een Oog-column.

Brandweer Blaricum: ‘Geen zorgen’

Voor aan de stamtafel – opinies

Links (kijkend naar rechts): de OogOpinie (Oh Oh …)

Morgen in de glazenrij?

Morgen zaterdagochtend vanaf 09:00 uur kunt u bij de Blaercom maximaal acht glazen kopen voor de Wijnproeverij (aka Wijnloop) van vrijdag 7 november a.s. – georganiseerd door de Stichting Blaricum Promotie. Op het Oog-idee om voor inwoners van Blaricum een voorverkoop te houden, wil het bestuur graag reageren. De foto is uit de OogVogel gemaakt, 2023.

Ook daar

Bij de nieuwe Groene Afslag, tegenwoordig in Bussum.

Gemeente over de kermis

Onderstaand het persbericht van de gemeente over de kermis. Vraag is: zou u dat ook zo hebben geformuleerd? Zijn er zaken misschien vergeten, onderbelicht gebleven of juist overdreven, te weinig of te veel complimenten? Of is het prima zo? Hadden er misschien verbeter- of verandersuggesties moeten worden opgenomen, of juist niet? Of is het prima zo? Dekt ‘de Blaricumse Kermis’ nog wel de lading? Of niet of wel? Kortom: blikt u net zoals de burgemeester tevreden terug op de zonnige kermisdagen?

Beste wensen?

Dat ‘de beste wensen …’ – wat moet je ermee? Wat wordt ermee bedoeld?

(Nog erger en ergerlijker is het als eraan wordt toegevoegd ‘…, hè!’ en degene die het uitspreekt dat doet in het voorbijlopen, of door het naar beneden gezakte raampje van de oversized SUV.)

Krijg je die beste wensen? Wat moet je ermee? Doorgeven? Opeten? In de kliko?

Of wordt je het beste toegewenst? Van wat? Van alles? Waarvoor? Is het derhalve een soort vuilnisbakkenwens? Of is het een maskering van integrale desinteresse en oppervlakkigheid en wordt de ontvanger gemakshalve bedolven onder een bak generieke huichelarij?

Waarbij komt dat ‘de beste wensen’ in flinke delen van het Gooi, Bloemendaal en andere reservaten even voos en loos en dus belachelijk zijn als in de Haagse Schilderswijk of op het Utrechtse Kanaleneiland. Of bij de Oekraïners op de Woensberg. Net zoals die collectieve wensen voor volk, vaderland en samenleving. ‘Ik wens u allen een gezond (10% is terminaal), gelukkig (15% depressief) en welvarend (8% is en blijft onder de armoedegrens) jaar toe, met veel lichtpuntjes en warmte (de energieprijzen vliegen als vuurpijlen omhoog).’ Blabla, ronkronk, de hartelijke groeten van ons communicatie-adviesbureau. 

Hoe moet het dan?

Probeer van degene die voor je staat of die je tegenkomt snel voor de geest te halen waar hij op zij echt behoefte aan heeft. Gebruik dan niet de vraagvorm, maar de directe. Dus: ‘Ik wens je kracht toe bij het stoppen met roken en drinken’, of ‘Ik wens je een verbetering van je gezondheid toe’, of ‘Ik hoop dat je dit jaar de marathon binnen de vier uur gaat lopen’, of ‘Ik hoop dat u door de situatie van/met uw partner veel verdriet bespaard zal blijven’. ‘Ik wens je liefde toe.’

Dus geen sociaal verantwoord gewauwel, maar kiezen voor de menselijke, persoonlijke inhoud. Beter een oprechte wens voor één onderwerp dan die obligate, nietszeggende leegheid die overal en altijd wordt gebruikt. En alstublieft ook geen utopische self fullfilling prophecy, zoals ‘Laten we met zijn allen de prachtige stemming in onze samenleving blijven vertroetelen.’ Glop.

En als u degene volstrekt niet kent (bijvoorbeeld op de nieuwjaarsreceptie van het gemeentebestuur), hanteer dan wél de vragende vorm en zeg bijvoorbeeld: ‘Mag ik u een goed en genoegelijk jaar toewensen?’, of buig het om naar jezelf en zeg ‘Mag ik u een jaar toewensen zonder van mijn kant bestuurlijke misstappen en zonder ambtelijke blindheid?’. En als ontvanger van die wens (u, burger) kunt u als antwoord de laatste wens retourneren, zonder het ‘van mijn kant’. Dan is er meteen een afspraak gemaakt voor ‘goed bestuur’ en wat vertrouwen(shertsel). Beter één medeburger iets oprecht en empatisch toegwenst, dan een groepje bedeesde glimlachjes en instemknikkertjes iets voorhouden dat ‘altijd wel ok is’.

Ten slotte: als degene voor u echt alles heeft en erom bekend staat dat hij of zij niets (meer) heeft te wensen, gooi er dan een schouderklopje of een knuffeltje tegenaan en zeg: ‘Fijn u weer te zien, ik hoop dat dat volgend jaar ook weer zo zal zijn’.

Mag Oog u het beste wensen – met het kiezen en uitspreken van uw oprechte nieuwjaarswens?

///